De signalen stapelen zich op: steeds meer mensen mijden de fysiotherapeut vanwege kosten of tegenvallende ervaringen, terwijl praktijken zelf onder groeiende druk staan.

Dat blijkt uit recent onderzoek in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, waarin data van het Nivel Consumentenpanel Gezondheidszorg (2016–2023) zijn geanalyseerd. De onderzoekers waarschuwen dat een groeiende groep Nederlanders noodzakelijke fysiotherapeutische zorg overslaat vanwege financiële zorgen. Dat betekent dat juist de mensen die fysiotherapeutische zorg het hardst nodig hebben, mogelijk niet of te laat in beweging komen.

Tegelijkertijd groeit in het veld het signaal dat veel praktijkhouders in een structurele worsteling zitten.

Uit onderzoek van Stichting Keurmerk Fysiotherapie en de Hogeschool Utrecht blijkt dat meer dan de helft van de fysiotherapiepraktijken in Nederland (54%) overweegt te stoppen. De onderzoekers spreken van een zorgwekkende trend, waarin stijgende kosten, administratieve druk en een gebrek aan financiële ruimte het ondernemerschap in de fysiotherapie steeds zwaarder maken.

Deze bevindingen werden breed gedeeld in de media, waaronder op FysioNieuws.

Hoe blijf je als praktijk in deze storm overeind — en belangrijker nog: hoe kun je groeien door het anders te doen? Hoe help je juist die groeiende groep mensen die niet past binnen het klassieke klachtenmodel, maar wél worstelt met vermoeidheid, stress en onverklaarde klachten?

De kloof: van traditionele revalidatie naar complexe vermoeidheidspatiënten

Veel praktijken zijn ingericht op het behandelen van scherpe, goed omschreven klachten: knieoperaties, sprongen, belastingsgerelateerde overbelasting, etc. Voor die patiënten is vaak een revalidatiemodel toepasbaar: gradueel opbouwen, streven naar herstel van functies, met een duidelijk traject.

Maar vanuit fysiopraktijken die met BioCheck zijn gaan werken, horen we in de praktijk wat er echt speelt:

“We zien al voor jaren een toename van patiënten met burn-out en vermoeidheidsklachten en onze mening was dat er eigenlijk helemaal niet echt een goed traject was voor deze categorie patiënten.”

En:

“Bij vermoeidheid moet je veel meer gaan meten. Dus het herstel vermogen is leidend en niet het gradueel opbouwen zoals we dat veel toegepast zien binnen de fysiotherapie … Het is een heel andere benadering. … dat is ook de reden dat, denk ik, bij heel veel fysiotherapeuten, het herstel van de patiënten met Covid niet lukte want die wilden dat ook bij Covid doen maar dat kon je niet. Je moet meten en die data gebruiken voor de juiste trainingsintensiteit.”

Deze citaten, afkomstig van fysiotherapeuten die werken met BioCheck, raken de kern: de aanpak van (chronische) vermoeidheidsklachten vraagt een andere benadering. Patiënten met vage klachten, burn-out, postinfectieuze vermoeidheid of langdurige stressklachten laten zich niet vangen in traditionele revalidatieprotocollen. Ze vragen om continu inzicht, en een gerichte aanpak, over rust én inspanning, op basis van objectieve data.

In de fysiotherapiepraktijk betekent dat:

  • Niet alleen symptoombestrijding of “lichamelijk herstel” inzetten, maar het herstelvermogen objectief in kaart brengen (bijv. via data van het autonoom zenuwstelsel, herstelmetingen, hartslagvariabiliteit (HRV), rust/inspanning ratio’s).
  • Continue monitoring, in plaats van ‘(subjectief) meten aan het begin & eind’, zodat je kunt bijsturen tijdens het traject.
  • Een hybride en datagedreven behandelmodel waarbij fysieke sessies, digitale interventies en zelfmonitoring elkaar aanvullen.
  • Herkennen dat langdurige vermoeidheid en diffuse klachten hun eigen fysiologische dynamiek kennen, en daarom om een andere behandelstrategie vragen.

Onderzoekers wijzen erop dat bij vermoeidheid de klassieke veronderstelling “meer tijd en geleidelijke opbouw leidt tot herstel” vaak tekortschiet. Bij complexe of langdurige klachten kunnen juist kleine overschrijdingen van de individuele belastbaarheid leiden tot verergering of terugval.

Onderzoek gepubliceerd in het Journal of Psychosomatic Research benadrukt dat standaardmodellen van graduele trainingsopbouw niet voor elke patiënt effectief of veilig zijn. Vooral bij chronische vermoeidheid en post-infectieuze klachten blijkt het herstelvermogen zó fragiel, dat zelfs geringe overschrijding van de fysieke of mentale grens een negatief effect kan hebben op herstel (Jason et al., 2021, ScienceDirect).

Daarnaast pleiten onderzoeksprogramma’s van ZonMw voor meer aandacht voor vermoeidheid in al haar verschijningsvormen — van long-COVID en ME/CVS tot vermoeidheid bij chronische ziekten. De kern van deze onderzoeken is steeds dezelfde: vermoeidheid is een ziekte-overstijgend fenomeen, dat vraagt om gecombineerde, multidisciplinaire behandelmethoden en beter begrip van de onderliggende fysiologie (ZonMw, 2024).

Deze inzichten onderstrepen dat vermoeidheid niet slechts een symptoom is, maar een volwaardige behandeluitdaging, één die vraagt om een fysiotherapeutische aanpak waarin herstelvermogen, metingen en maatwerk centraal staan.

Praktijkrisico’s én kansen: waarom het goed is om NU te handelen

Risico’s voor de praktijk

  • Behandeluitval / no-shows / trajectstop
    • Patiënten die niet het passende pad krijgen, verliezen motivatie, raken sneller geblesseerd, vallen uit of stoppen voortijdig. Dat drukt niet alleen de marge en de reputatie van de praktijk, maar ook de klanttevredenheid en retentie, patiënten keren minder snel terug of bevelen de praktijk minder vaak aan.
  • Vergrijzing van het cliëntenbestand / zorgmijding
    • Doordat 13 % van de mensen die fysiotherapie nodig heeft afziet van de behandeling om financiële redenen, verdwijnt potentiële omzet uit de keten. (Nivel)
  • Afhankelijkheid van verzekerde zorg
    • Zolang het verdienmodel vooral leunt op verzekerde zorg, blijft de speelruimte klein en bepaalt het beleid de marges.
  • Professionele stagnatie
    • Therapeuten raken gefrustreerd als ze “niet verder kunnen” binnen deze uur-gebaseerde modellen, terwijl hun expertise in het behandelen van complexiteit en herstelprocessen juist waardevol is. Tegelijkertijd zien veel praktijkhouders dat jongere fysiotherapeuten méér willen dan alleen de standaard behandelsessies draaien. In een tijd van personeelstekort wordt het daarom steeds belangrijker om aantrekkelijke, afwisselende en inhoudelijk uitdagende functies te bieden, om goed en gemotiveerd personeel te behouden.

Kansen voor praktijkondernemers

  • Differentiatie & (premium) positionering
    • Praktijken die zich ontwikkelen als dé specialist in vermoeidheids- of herstelzorg onderscheiden zich in een markt vol standaardpraktijken.

      “De meerwaarde is de kennis en het meten. De kennis over de opbouw. Het meten en het controleren gedurende het traject. En het is een goede manier om mensen mee te krijgen. De meeste mensen zijn bang om nog vermoeider te raken want ze zijn al moe. En juist door de kennis door te geven en te meten dan hebben ze veel meer vertrouwen in: het kan dus toch.”

  • Verdienmodellen buiten verzekerde zorg
    • Met meetdata, coaching, vervolgtrajecten, preventieprogramma’s, HR-samenwerkingen (werkgeversmarkt) kun je additionele inkomsten genereren.

      “Het meten. Echt aantoonbaar het herstelniveau van een lichaam meten. Dat heeft ten eerste heel veel inzicht en heel veel leidraad gedurende het traject. En eerder was het een beetje op gevoel. We kunnen nu eigenlijk veel fanatieker trainen zonder het gevoel te hebben mensen over de kop te jagen.”

  • Verhoging behandelkwaliteit & therapietrouw
    • Wanneer patiënten inzicht krijgen in hun hersteldata en curve via een app en dashboards, is de kans op therapietrouwgunstiger.

      “Artsen, huisartsen, bedrijfsartsen en cliënten slaan erop aan.”

  • Netwerk & werkgevers-markt
    • Organisaties (bedrijven, HR, verzuim managers) zoeken steeds vaker naar objectieve aanpak van energie en vitaliteit. Fysiopraktijken met kennis van datagedreven herstel kunnen een rol spelen in verzuimpreventie en vitaliteitsprogramma’s.

      “Door objectieve data over herstel en belastbaarheid te combineren met persoonlijke begeleiding, krijgen zowel inwoners als werkgevers beter inzicht in hoe energie en herstel zich ontwikkelen in het dagelijks leven.” (Link Interview)

Waarom steeds meer fysiopraktijken onder druk staan — en hoe een nieuwe benadering van vermoeidheid kansen biedt

Lef tonen met data: de toekomst van fysiotherapie is persoonlijk

De fysiotherapie staat op een kruispunt. De druk op vergoedingen en personeel neemt toe, terwijl de groep patiënten met vermoeidheids- en stressgerelateerde klachten blijft groeien. Dat is niet alleen een uitdaging, het is ook een kans.

Want juist hier ligt de ruimte om het vak verder te ontwikkelen: om niet alleen klachten te behandelen, maar herstel te begeleiden op basis van objectieve inzichten in energie, belastbaarheid en herstelvermogen.

Door te meten, te monitoren en met data te werken, ontstaat er iets fundamenteels: grip. Grip op het herstel van de patiënt. Grip op de kwaliteit van de behandeling. En grip op de toekomst van de praktijk.

Een behandeling die écht aansluit bij de belastbaarheid van de patiënt, werkt beter, motiveert meer en voorkomt uitval.

Dat is niet alleen goed voor de patiënt, maar ook voor de fysiotherapeut en de continuïteit van de praktijk. Want mensen keren niet terug na een slechte ervaring, maar ze delen wél hun vertrouwen wanneer herstel wél lukt.

Wie durft te vernieuwen, vergroot niet alleen de impact op de gezondheid van patiënten, maar bouwt ook aan een toekomstbestendige praktijk, waarin kennis, technologie en menselijke aandacht hand in hand gaan.

Published On: oktober 8th, 2025 / Categories: BioCheck partners, Nieuws /

Schrijf je in en blijf op de hoogte van het laatste nieuws